Fotolexicon, 17e jaargang, nr. 33 (augustus 2000) (nl)

John Fernhout

Solange de Boer

Extract

John Fernhout was in de eerste plaats filmer. Hij fotografeerde daarnaast, maar hij had geen uitgesproken ambities op dat gebied. Toch hield hij zich in de jaren twintig en dertig actief en op hoog niveau met fotografie bezig. Een aantal van zijn foto’s kan worden gerekend tot de hoogtepunten van de Nieuwe Fotografie. Daarnaast maakte hij vele foto’s tijdens filmopnamen of bijeenkomsten van vrienden en/of familie. Deze laatste foto’s geven een interessant beeld van onder andere de vriendenkring rondom Charley Toorop en Joris Ivens.

Biografie

.

1913

Johannes Hendrik (John Ferno) Fernhout wordt op 9 augustus geboren in Bergen (NH) als tweede zoon van schilderes Charley Toorop (1891-1955) en filosoof Hendrik (Henk) Fernhout. Zijn broer Edgar is op 17 augustus 1912 geboren.

1916

Annetje Fernhout, zusje van Edgar en John, wordt in Utrecht geboren. Eind 1916 verhuist de familie naar de kunstenaarscommune Huize Meerhuizen aan de Amsteldijk in Amsterdam.

1917

Het huwelijk van Hendrik Fernhout en Charley Toorop strandt.

1922

Charley Toorop betrekt met de kinderen het in samenwerking met architect Piet Kramer ontworpen huis De Vlerken aan de Buerweg in Bergen.

1926

In oktober verhuist het gezin naar de Leidsegracht 48 in Amsterdam. De Vlerken wordt onderverhuurd.

1928

John Fernhout gaat in de leer bij de filmer Joris Ivens en trekt vervolgens bij hem in. Hij is manusje-van-alles bij de films De Brug van Ivens en Branding onder regie van Mannus Franken, met Ivens achter de camera. In augustus is John met zijn familie en Arthur Muller Lehning op vakantie in Ploumanach (Bretagne).

1929

De film Branding gaat op 9 februari bij de Filmliga Amsterdam in première. Fernhout assisteert Joris Ivens bij de film Regen (waarin hij ook figureert). De première van deze film is op 14 december bij de Filmliga te Amsterdam. Charley Toorop en Arthur Muller Lehning reizen door Europa en verblijven in de zomer in gehuurde kamers boven café De Valk in Westkapelle, waar Fernhout hen opzoekt.

Fernhout bedient voor het eerst zelf de camera bij Ivens’ film Heien. Later wordt dit de eerste acte van de film Wij Bouwen, de eerste film van Ivens voor de arbeidersbeweging. Tevens is Fernhout betrokken bij Ivens’ verloren gegane film Schaatsenrijden.

1930

Fernhout draait delen van de film Zuiderzeewerken over het dichten van de afsluitdijk (28 mei 1932). Ook deze film zal een acte in Wij Bouwen vormen. Daarnaast wordt de laatste versie bewerkt tot de film Nieuwe Gronden.

Fernhout woont met Charley Toorop, Arthur Muller Lehning en zijn broer in Parijs waar hij cinematografie studeert. Dat bevalt hem niet en hij maakt deze studie niet af.

1931

Fernhout assisteert Ivens bij de opnamen voor de film Creosoot.

Hij sluit zich aan bij Studio Ivens, een groep jongeren rond Ivens. Samen met Mark Kolthoff draait hij de eerste geluidsfilm van Ivens, Philips-Radio, die op 28 september in Tuschinski in première gaat.

Fernhout volgt op aanraden van Ivens in de herfst fotografielessen op de Berlijnse Agfa Schule. Hier maakt hij zijn eerste foto’s met een 35mm Leica. Door de fotograaf György Kepes leert Fernhout Eva Besnyö kennen. In deze periode maakt hij ook kennis met Robert Capa, een vroegere buurjongen van Eva.

1932

In het voorjaar krijgen Fernhout en Besnyö een relatie. In september vestigen zij zich in Amsterdam en werken mee aan de verloren gegane film Puberteit van Hans Sluizer.

Eva speelt de hoofdrol en John is cameraman. Fernhout wordt lid van de Vereeniging van Arbeiders-Fotografen (VAF).

1933

Fernhout trouwt op 25 juli met Eva Besnyö. Ivens, Anneke van der Feer, Charley Toorop, Fernhout en Besnyö houden samen vakantie in Westkapelle. Fernhout en Besnyö vertrekken naar Hongarije om een fotoreportage te maken in de krottenwijk Kiserdö aan de rand van Boedapest.

Fernhout is regie-assistent bij de film van Hans Richter voor Philips: Hallo Everybody.

1934

De film Puberteit gaat in de Uitkijk in première. Fernhout fotografeert het Jordaanoproer en geeft les aan de Filmtechnische Leergang in Amsterdam.

De Belgische regisseur Henri Storck nodigt hem uit drie films te gaan maken. In augustus/september vertrekt hij naar Paaseiland.

Op 10 december treedt zijn broer Edgar in het huwelijk met Rachel Pellekaan.

1934-‘35

Fernhout maakt drie films in samenwerking met Henri Storck, waarbij hij voor het eerst zowel voor het camerawerk als voor de regie verantwoordelijk is. Storck doet de productie en de montage. Dit resulteert in de films Paascheiland, De steven naar het zuiden en Driemaster ‘Mercator’. Tijdens zijn reis naar Paaseiland maakt Fernhout reportages over het graf van Gauguin, over Pitcairn (Mutiny on the Bounty) en over het Panamakanaal.

In de volgende twee jaar volgen nog meer films met Storck.

1936-‘37

Onder het pseudoniem Pieter Bruggens regisseert Fernhout in de winter van 1936-’37 Land in zicht voor de Communistische Partij Holland ten behoeve van de verkiezingscampagne. Emiel van Moerkerken is als cameraman bij de film betrokken.

1937

Ivens nodigt Fernhout uit om als cameraman mee te werken aan een documentaire over de Spaanse burgeroorlog getiteld The Spanish Earth (een opdracht van Contemporary Historians Incorporated). Zij verblijven evenals Robert Capa, Gerda Taro, Martha Gellhorn en Ernest Hemingway (die het commentaar van de film inspreekt) in Hotel Florida in Madrid. Opnamen worden gemaakt tussen 21 januari en eind april in Valencia en Madrid en omgeving. Fernhout maakt tijdens de opnamen ook foto’s. Deze worden tentoongesteld op foto ‘37 in het Stedelijk Museum in Amsterdam.

Aan het einde van het jaar verbreken Fernhout en Besnyö hun relatie. Fernhout wordt in Parijs door Ivens gevraagd een film over de Japanse inval in China, The 400 million, te draaien.

1938

Fernhout vertrekt met Capa, die een fotoreportage zal maken, vanuit Marseille met het passagiersschip Aramis naar Hongkong, waar zij op 15 februari arriveren. Ivens is een week eerder aangekomen. Zij reizen zes maanden door China. In de herfst gaan Fernhout en Ivens rechtstreeks vanuit China met een watervliegtuig naar de Verenigde Staten.

1939

De première van The 400 million vindt plaats op 7 maart 1939 in de New Yorkse bioscoop Cameo. Ivens en Fernhout vertrekken daarna voor zes weken naar Europa. Eva Besnyö komt hen in Parijs ophalen en op 14 april arriveren ze in Amsterdam. In het Noordhollands Koffiehuis vertellen ze de wachtende journalisten over hun reis.

Fernhout vestigt zich vervolgens onder de naam John Ferno in de Verenigde Staten.

1940-‘42

De Tweede Wereldoorlog verhindert Fernhout naar Nederland terug te keren. Hij werkt voor het Educational Film Institute van de New York University en de National Film Board of Canada; dat resulteert in de films A Child went Forth (met Joseph Losey en Hanns Eisler), High over the Borders (voor de Canadese Filmboard) en Youth gets a Break (met Losey, Willard van Dyke en Ralph Steiner). In New York leert hij via Robert Capa de danseres Blanche Korchien (‘Polly’) kennen.

1942-‘44

Fernhout werkt voor het Netherlands Information Bureau in New York, waar hij in 1943 officieel wordt benoemd tot leider van het nieuw opgerichte Film Department. Hij maakt films over onder meer de doop van prinses Margriet in Canada en prinses Juliana’s reis naar de Antillen en Suriname.

1943

Op 15 maart wordt Douwes, zoon van Fernhout en Polly Korchien, geboren in New York.

1944-‘45

Fernhout gaat in oktober 1944 als oorlogscorrespondent (hoofd filmsectie) met de geallieerde legers mee naar Europa. Op 10 november maakt hij de oversteek van Engeland naar de Belgische bevrijde kust. De Regeerings Voorlichtingsdienst heeft hem gevraagd de bevrijding van Nederland vast te leggen. Op 20 november filmt hij het begin hiervan met cameramannen Frits Wassenburg en Piet Out. Deze opnamen lopen door tot juni 1945.

1945

Fernhout maakt onder andere de films Gebroken dijken over het door bombardementen overstroomde Walcheren en Het laatste schot over het einde van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Deze films zijn samengesteld uit materiaal opgenomen tijdens de bevrijding.

Op 20 augustus vindt de officiële scheiding van Eva Besnyö plaats. Fernhout trouwt met Polly Korchien.

1946

Fernhout maakt de film Puerto Rico.

1947

Fernhout regisseert met Richard Leacock als cameraman zeven geografische films getiteld People of the Earth. De serie wordt geproduceerd door Louis de Rochemont voor United World Films Inc. Fernhout draait onder meer in Frankrijk, Zwitserland, Nederland, Italië, Griekenland en Marokko. Hij woont in Parijs, eerst in hotels en vervolgens op de Quai Bleriot.

1948-‘54

Fernhout woont in Bougival op Chateau St. Michel. Tot 1954 maakt hij vele voorlichtingsfilms in opdracht van het Marshall-plan over het herstel van Europa, onder andere in Frankrijk, Nederland, Zwitserland, Griekenland, Italië en Israël. Enkele titels van films zijn: Corinth Canal, Return from the Valley, Island of Faith, A Doctor for Ardaknos, Miner’s Widow.

Na Miner’s Widow neemt Fernhout twee jaar vrij en woont anderhalf jaar in Rome op de Via Adda.

1950

Fernhout gaat naar Israël met Henry Morgenthau jr. – minister van financiën onder president Roosevelt – om een film van Robert Capa over de opbouw van nederzettingen te produceren.

1955

Charley Toorop bezoekt John en Polly in Rome van half januari tot half februari.

Charley overlijdt op 5 november.

1956

Fernhout associeert zich met John Halas van Halas & Batchelor Cartoon Film Ltd., met wie hij Cinesphere LTD opricht voor de productie van internationale films.

1957

Hij woont in Londen op 50, Brunswick Gardens. Fernhout maakt opnamen op de Nederlandse Antillen voor de film ABC, waarna hij op Jamaica verblijft.

1958

Hij voltooit ABC en Blue Peter, beide films worden gemaakt in opdracht van het Ministerie van OKW en geproduceerd vanuit Londen.

1960

Fernhout woont in Loosdrecht en vervolgens in ‘s-Graveland.

1961

Hij produceert de animatiefilm Dam de Delta over de honderdjarige strijd van de Nederlanders tegen de zee.

1962

In Parijs maakt Fernhout zestig films met Douwes (met wie hij zal blijven samenwerken) over de Franse taal onder de titel Parlons Francais. De serie wordt voor de Amerikaanse televisie geproduceerd door Louis de Rochemont in New York.

Polly Korchien overlijdt op 6 februari in Lausanne.

1963-‘64

Fernhout regissseert Vigilant Switzerland, een film in opdracht van het Zwitserse leger voor de Expo in Lausanne. De film wordt vertoond op 70mm superpanoramadoek met 18 geluidskanalen. De première van de film vindt plaats op 30 april 1964.

1965

Fernhout regisseert de film Fortress of Peace (een gewijzigde versie van Vigilant Switzerland) over het Zwitserse leger in vredestijd, en krijgt hiervoor een Oscarnominatie.

Hij huurt een molen in Abcoude om in te wonen en te werken.

1966-‘68

Fernhout doet zowel de productie als de regie van Delta Data, een documentaire over het ambitieuze Nederlandse Deltaplan.

1967

Hij maakt de film Sky over Holland (ook een 70mm film) die hetzelfde jaar nog in Cannes wordt bekroond met de Gouden Palm. De film toont de verwantschap tussen de Nederlandse kunst en het Nederlandse landschap. Fernhout doet de productie en de regie, zijn zoon Douwes neemt het camerawerk voor zijn rekening. Cas Oorthuys maakt de filmstills.

1968

Tot 1980 maakt Fernhout met Douwes voornamelijk films in Israël. Hij kiest duidelijk partij voor de Israëlische strijd tegen de Arabieren en Palestijnen. Hij pendelt tussen Nederland en Israël en heeft een huis in Sperlanga (Italië), dat hij gebruikt als tussenstop tijdens de autotocht tussen beide landen. In Nederland woont hij in het Apollohotel in Amsterdam.

De eerste hartklachten manifesteren zich.

1971

Fernhout maakt de film The Tree of Life (commentaarstem Laurence Olivier) over de Joodse diaspora en de geboorte van Israël.

1973

De film They want to Live wordt tijdens de Oktoberoorlog uitgebracht. De film handelt over het leven in een nederzetting in de Oktoberoorlog (het script is van Julia Meirovna Wiener).

1974

De film The Longest Wave komt uit. Deze handelt over de grootste immigratiegolf van Joden in Israël, namelijk die uit de Sovjet Unie (script Julia Wiener). John en Douwes huren een huis aan de Jericho Road in Jeruzalem. Edgar Fernhout overlijdt op 4 november.

1975

Julia Wiener trekt in bij John en Douwes.

1978

Fernhout maakt de film Mijn generatie is zwart-wit over de fotograaf Cas Oorthuys. De film is gebaseerd op diens archief. Aan deze film werken mee Dick Elffers, Willem Diepraam en Bert Nienhuis.

John Fernhout trouwt op 17 juli met Julia Wiener in Amsterdam.

1980

De film Museum on the Hill over het Israël Museum in Jeruzalem en Jerusalem the Golden City over de toeristische attracties van deze stad worden uitgebracht. Fernhout keert regelmatig terug naar Nederland en woont dan op de Hobbemastraat 20 in Amsterdam.

1981

In juni worden vier televisieprogramma’s van een uur uitgezonden, getiteld Fernhout de filmer, die zijn geproduceerd door Belbo Film Produkties.

1983

Fernhout voltooit de film De Drie Generaties over zijn grootvader Jan Toorop, zijn moeder Charley Toorop en zijn broer, de schilder Edgar Fernhout. Frank Oorthuys is verantwoordelijk voor het licht en Nico Brederoo geeft advies.

1984

Hij woont vanaf 1 mei op de Harskampweg 9 in Hoenderloo.

1985

De film Het bewaarde landschap over de symbiose van het nationale park De Hoge Veluwe en het Rijksmuseum Kröller-Müller komt uit. In februari krijgt Fernhout een zware hartaanval.

1986

Fernhout krijgt de Edo Bergsma-prijs van de ANWB toegekend voor Het bewaarde landschap.

Fernhout overlijdt op 1 maart in Jeruzalem.

Beschouwing

John Fernhout heeft al op jonge leeftijd zijn koers bepaald. Amper vijftien jaar oud werd hij door zijn moeder, de schilderes Charley Toorop, bij Joris Ivens ondergebracht omdat hij op school onhandelbaar was. Vervolgens was het voor Fernhout duidelijk wat hij wilde: filmen. Volgens Ivens praatte John weinig, net als hij, maar begrepen ze elkaar uitstekend zonder veel woorden te gebruiken.

Charley Toorop was geïnteresseerd in film en fotografie, zoals blijkt uit haar betrokkenheid bij de oprichting van de Filmliga in 1927. Deze interesse zal in de daaropvolgende jaren zeker zijn toegenomen door de omgang met Arthur Muller Lehning, met wie zij in de jaren 1928-’31 een relatie had. Lehning gaf het blad i 10 uit, met Laszló Moholy-Nagy als verantwoordelijk redactielid voor film en fotografie. Toch vond Charley Toorop fotografie op een lager plan staan dan de schilderkunst, omdat dit medium volgens haar slechts een moment vastlegde terwijl de schilderkunst allerlei stemmingen kon weergeven. Het was dan ook niet Charley maar Ivens, die Fernhouts leven op jonge leeftijd in verschillende opzichten richting gaf: hij was Fernhouts leermeester in de filmtechniek en beïnvloedde daarmee ook Fernhouts manier van kijken en de wijze waarop hij zijn onderwerp stilistisch in beeld bracht. Bovendien leerde Fernhout via Ivens de internationale avant-garde kennen, niet alleen op het gebied van de film, maar ook op dat van de fotografie en andere kunstvormen.

Na een paar jaar als manusje-van-alles en vervolgens als camera-assistent bij Ivens’ films betrokken te zijn geweest – onder andere bij De Brug, Branding en Wij Bouwen – drong Ivens er bij Fernhout op aan om een technische opleiding fotografie te gaan volgen. Voor de film bestond deze nog niet en hij zou op die manier wel een degelijke basisopleiding krijgen die ook bij het filmen van pas zou komen. Ivens was goed op de hoogte van de stand van zaken in de fotografie: zijn vader had hem de leiding gegeven over het filiaal van C.A.P. Ivens in de Kalverstraat in Amsterdam en hij had zelf beginjaren twintig een op techniek gerichte fotografieopleiding gevolgd in Berlijn, Dresden en Jena. Bovendien had hij gedurende deze jaren een relatie met de Duitse fotografe Germaine Krull, die hem in contact bracht met de Berlijnse avant-garde. Fernhout moest evenals Ivens voor een fotografische opleiding uitwijken naar het buitenland. Hij volgde aanvankelijk in 1930 een opleiding in Parijs, maar deze beviel hem niet. Uit deze periode dateren slechts een aantal straatbeelden en een paar foto’s van zijn vrienden Eli Lotar en Umbo. Lotar en Fernhout maakten ook foto’s van elkaar in Amsterdam, toen beiden in 1930 als assistent bij Ivens’ films Zuiderzeewerken en Wij Bouwen werkten.

Na Parijs volgde Fernhout vanaf oktober 1931 in Berlijn lessen aan de Agfa Schule. Daar bleef hij ongeveer een jaar, maar het was, net als bij Ivens, niet zozeer de opleiding als wel de omgang met een fotografe – de Hongaarse Eva Besnyö – waardoor hij met enthousiasme ging fotograferen en in contact kwam met de nieuwste ontwikkelingen in dat vakgebied. Overigens verbleef ook Joris Ivens in de jaren 1930-’31 regelmatig in Berlijn. Hij was toen bezig met de opnamen voor de film Creosoot, waarbij Fernhout camera-assistent was.

In Berlijn hield Fernhout zich voor het eerst intensief met fotograferen bezig. Een enkele microscopische opname getuigt nog van zijn opdrachten voor de Agfa Schule. Daarnaast leefde hij zich uit in wat zou kunnen worden gezien als het tegenovergestelde van deze op de techniek gerichte opleiding: in de geest van de Nieuwe Fotografie fotografeerde hij zijn omgeving en vooral zijn vrienden, waarbij vaak diagonalen – geïntroduceerd door de door Ivens bewonderde Russische filmers – de compositie bepaalden. Het bekendste voorbeeld hiervan is de foto van Eva Besnyö liggend op portretfoto’s van een grafoloog die door haar gefotografeerd was. Deze foto wordt gerekend tot een van de hoogtepunten van de Nieuwe Fotografie. Minder bekend is het portret van György Kepes en Chaja Goldstein, eveneens met een nadrukkelijk diagonale compositie. Fernhout had Besnyö via Kepes leren kennen. Berlijn was in de jaren dat Fernhout daar verbleef nog steeds een toonaangevend cultureel centrum. De Duitse filmindustrie was naast Hollywood het centrum voor onder meer de zwijgende film en de avant-garde film. Een belangrijke gebeurtenis voor de fotografie was de tentoonstelling Fotomontage die op initiatief van de schilder Cesar Domela in 1931 in de Duitse hoofdstad werd georganiseerd. De fotomontage, een methode waarbij fragmenten van foto’s tot een samenhangende compositie worden samengevoegd, speelde in die tijd een belangrijke rol in de reclame en in de politieke strijd. In Duitsland experimenteerde vooral John Herzfelde (later Heartfield) met deze beeldvorm, in Nederland waren dat Piet Zwart en Paul Schuitema. Het is niet onwaarschijnlijk dat Fernhout deze tentoonstelling heeft gezien en met fotomontages heeft geëxperimenteerd. De techniek moet hem hebben geïnteresseerd. Met de fotomontage kan immers beweging worden gesuggereerd en door losse beelden op een dynamische wijze naast of over elkaar te plaatsen kan een ‘verhaal’ worden verteld; fotomontage vormt zo een brug van fotografie naar film. Het enige dat van Fernhouts hand resteert is echter niet een fotomontage maar een dubbeldruk, die hij in 1934 in Nederland maakte van twee ten opzichte van elkaar gedraaide negatieven van de schilder Pyke Koch op een ladder.

Omstreeks 1930 sprak men van Studio Ivens. Hiertoe behoorden behalve Fernhout, ook Joop Huisken, Mark Kolthoff, Hans Wolf, Helen van Dongen en Wim Bon. Zij gaven een filmtechnische cursus aan leerlingen, waarbij ook gelegenheid was tot experimenteren. In 1931 werd Fernhout evenals andere medewerkers van Studio Ivens lid van de aan de Communistische Partij Holland (CPH) gelieerde Vereeniging van Arbeiders Fotografen (VAF). Ivens was betrokken bij de oprichting van de VAF in maart 1931: hij had in het najaar van 1930 een fotocursus gegeven waaruit de VAF voortkwam, daarnaast stelde hij aan de leden fotomateriaal van CAPI beschikbaar. Nadat Fernhout definitief vanuit Berlijn naar Nederland was teruggekeerd, zette hij zich weer actief in voor de VAF. Ook Eva Besnyö werd in 1933 lid. In datzelfde jaar maakten Fernhout en Besnyö, tijdens hun ‘huwelijksreis’, een reportage over de krottenwijk Kiserdö in Boedapest. Beiden namen foto’s (het is niet steeds duidelijk welke foto van wiens hand is) en Eva deed de interviews. Van de reportage werd verslag gedaan in het communistische dagblad De Tribune, maar de foto’s konden wegens geldgebrek niet worden afgedrukt. Die mogelijkheid werd wel geboden door Het Leven Geïllustreerd.

Tijdens het Jordaanoproer was Fernhout een van de arbeidersfotografen die de demonstratie vastlegde. Een paar foto’s (een slachtoffer van het politieoptreden en een politieman in actie) werden gepubliceerd in Links Richten en in de brochure Roode Juli 1934. Beide uitgaven waren geheel aan het Jordaanoproer gewijd. Van Fernhout zijn slechts enkele andere opnamen uit zijn tijd als arbeidersfotograaf bekend. Het is opmerkelijk hoe sterk de foto’s van Kiserdö en het Jordaanoproer afwijken van de foto’s uit zijn Berlijnse tijd. In plaats van esthetische foto’s te maken van alledaagse onderwerpen legde Fernhout als een reportagefotograaf sociaalbewogen onderwerpen vast. Een dergelijke omslag is ook waarneembaar in de fotografische oeuvres van mensen als Piet Zwart en Paul Schuitema. Zij zagen in deze activiteiten een mogelijkheid om kennis van de fotografie in dienst van de klassenstrijd te stellen. In zekere zin geldt dat ook voor Fernhout. Ivens beschrijft hem als een scepticus die zich afzijdig hield van politieke partijen, maar die door zijn karakter en als gevolg van zijn opvoeding en de mensen met wie hij omging, rechtvaardigheid en vrijheid zeer was toegedaan. Dat blijkt in ieder geval uit de foto van het Jordaanoproer waarop onverbloemd en van zeer dichtbij het hoofd van de dodelijk getroffen demonstrant in beeld wordt gebracht. Overigens was de esthetiek in deze foto’s niet helemaal verdwenen, zoals te zien is in de opname van een pandjesbaas in zijn etalage; de eigenaar is amper te zien achter het ‘gordijn’ van horloges.

Na deze reportages richtte Fernhout zich steeds meer op het filmen. De onderwerpen van zijn foto’s liggen dan in het verlengde van de film waarmee hij bezig is.

De foto’s die Fernhout maakte tijdens filmopnamen geven een beeld van de situatie op de set of zijn portretten van medewerkers aan de film. Zij laten zien hoezeer Fernhout oog had voor fotografie. Ook wanneer het in feite bijzaak was, maakte hij foto’s met een afgewogen compositie. Dit lijkt voor de hand te liggen omdat hij een goede cameraman was, maar zo eenvoudig ligt het niet. Filmen vereist een hele andere instelling dan fotograferen, omdat het teamwerk is, het resultaat pas na lange tijd zichtbaar is en omdat bij de opnamen tijd en beweging een belangrijke rol spelen. Dit bleek duidelijk uit Capa’s experimenten met film tijdens de opnamen voor Ivens’ The 400 million (1938) in China. Fernhout deed het camerawerk en Capa reisde mee om foto’s te maken en het filmvak te leren kennen. Capa nam de filmcamera korte tijd ter hand, maar noch hijzelf noch Ivens was tevreden. Capa beviel het werkproces niet, Ivens was niet tevreden met het resultaat: “Capa had de blik van een fotograaf. […] het thema van het vastliggende beeld tegenover het bewegende beeld. De twee soorten beelden lijken in alles aan elkaar verwant en toch zijn ze in alles aan elkaar tegengesteld. Capa maakte geen onderscheid”. Fernhout had wèl een ‘dubbeltalent’; dat is goed te zien op de foto’s die hij maakte tijdens het draaien van The Spanish Earth (1937). Fernhout deed voor deze film het camerawerk. Ivens vroeg hem ook een fotocamera mee te nemen, omdat hij gunstige afspraken voor afname van foto’s met Amerikaanse persbureaus had gemaakt. Zoals al eerder bij een enkele foto van Fernhout te zien was, toont zijn toen gemaakte serie foto’s een esthetische kwaliteit die het onderwerp versterkt zonder de inhoud geweld aan te doen. Vooral de foto’s die hij maakte van Ivens en Ernest Hemingway (die het commentaar bij de film insprak) aan het werk – hun silhouetten tegen het daglicht tijdens filmopnamen op een balkon in Madrid – zijn hiervan een goed voorbeeld. De foto’s van het strijdtoneel in de omgeving van Madrid en de gevolgen van de strijd brengen, evenals sommige foto’s van het Jordaanoproer, zonder verhulling de gruwelijke realiteit van dichtbij in beeld. De koelbloedigheid waarmee Fernhout dit deed, vond ook Ivens bewonderenswaardig: “Gedurende deze weken bleek John Ferno een oorlogsmakker met buitengewone kwaliteiten te zijn. Als hij er niet was geweest, was Spaanse Aarde zeker niet de film geworden die we hebben gemaakt. John was ongelooflijk rustig en moedig. Heel dikwijls vroeg ik me, aangezien hij geen werkelijke politieke overtuiging had, af waar hij de geestelijke politieke kracht vandaan haalde om zich althans fysiek met zoveel kalmte in de strijd te storten. Hij zei weinig maar hij handelde.” Volgens Eva Besnyö was Fernhouts inzet vooral het resultaat van trouw aan zijn leermeester, daarna kwam zucht naar avontuur en in de laatste plaats de antifascistische gevoelens. Eva zorgde er voor dat Fernhouts foto’s van de Spaanse Burgeroorlog, samen met die van Carel Blazer, op de tentoonstelling foto ’37 hingen. Naast foto’s gemaakt tijdens de filmopnamen hingen daar ook afdrukken van filmopnamen.

Privé-opnamen behoren tot de grootste groep foto’s in het archief van Fernhout. Naast de onvermijdelijke kiekjes is in deze categorie foto’s een aantal iconen van de Nieuwe Fotografie te vinden, zoals het al eerder genoemde portret van Eva Besnyö en de foto’s die John en Eva van elkaar maakten op het strand aan de Oostzee (1932). Tevens maakte Fernhout vele opnamen van familie en kennissen in het familiehuis De Vlerken in Bergen en op de vakanties in Zeeland en Frankrijk, waarbij met name Charley Toorop veelvuldig model stond. De jaren waarin Fernhout met Besnyö een relatie had, hebben de meest opmerkelijke privéfoto’s opgeleverd, omdat hij toen vrijelijk experimenteerde met de compositie. Kennelijk vormde haar aanwezigheid en haar manier van fotograferen een grote stimulans voor hem. Overigens ging daarbij de camera van hand tot hand, waardoor niet altijd duidelijk is of Fernhout danwel Besnyö de maker is. De serie foto’s van de kroegentocht in Amsterdam die Fernhout, Ivens, Carel Blazer en Besnyö in 1939 maakten, nadat Eva naar Parijs was gereisd om Fernhout en Ivens op te halen van de terugreis uit China, vormt de afsluiting van deze vruchtbare periode.

Ook later zou Fernhout veel in privé-kring blijven fotograferen. Anders dan in de privé-opnamen van eind jaren twintig en de jaren dertig die het artistieke milieu rondom Charley Toorop en Joris Ivens vastleggen, tonen de latere privé-foto’s een engere kring van mensen: de directe familie of personen die bij een bepaalde film waren betrokken.

Aanvankelijk fotografeerde Fernhout met een Rolleiflex camera, zoals te zien is op een zelfportret uit circa 1928. Tijdens de filmopnamen van Creosoot in 1930 maakte hij voor het eerst foto’s met de Leicacamera die in 1925 op de markt was gebracht. Deze kleinbeeldcamera maakte gebruik van de gangbare 35mm cinéfïlm, waardoor het filmmateriaal van beide uitwisselbaar was. Met zijn Leica paste Fernhout in zijn foto’s de principes van de Russische film toe, die hij van Ivens had geleerd: close-ups, associatieve beelden en ongewone standpunten waaronder een diagonale beeldopbouw (de ‘Russische lijn’). In Fernhouts foto’s zit een dynamiek die doet denken aan film. Ze liggen in zekere zin in het verlengde van de vroege films van Ivens, zoals Regen, waarin ondanks de bevrijding van het statief door de handcamera de beweging niet zozeer door de camera wordt bewerkstelligd, als wel door objecten en mensen die het beeld binnenkomen en weer uitlopen. Deze vroege films zijn zo bezien een opeenvolging van foto’s, waarbinnen bewegende composities zijn te zien.

De aan de Russische film uit het begin van deze eeuw ten grondslag liggende gedachte, dat men met behulp van de camera meer van de wereld ziet en dat deze een nieuwe kijk op de wereld geeft, heeft Fernhout met verve in praktijk gebracht. Zijn hele leven heeft hij de wereld om zich heen op celluloid vastgelegd. Daarbij was tot het eind van de jaren dertig, naast het filmen, fotograferen voor hem een manier om de omgeving te verkennen. Het zijn ook juist deze jaren die een hoogtepunt vormen in Fernhouts werk, omdat hij zijn onderwerpen zowel stilistisch als inhoudelijk krachtig en met visie wist weer te geven.

Documentatie

Primaire bibliografie

foto ‘s in:

Pierre Bost, Photographies Modernes, Parijs (Librairie des Arts Décoratifs) z.j. [ca. 1930], p. 16-17.

Auteur onbekend, paria’s in Boedapest. De krotten van Kiserdö, in Het Leven. Geïllustreerd 29(17 maart 1934) 11, p. 336-338.

Auteur onbekend, paria’s in Boedapest. De krotten van Kiserdö, in Het Leven. Geïllustreerd 29 (24 maart 1934) 12, p. 379-381.

Links Front (augustus 1934) 5 [speciaal nummer Jordaanoproer], p. 4, 11.

(Brochure) Roode Juli 1934 [uitgave over Jordaanoproer van de IRH).

Wij. Ons werk ons leven (1935) 44, p. 4-5.

(Brochure) Eenheid voor vrede en socialisme – Tegen oorlog en fascisme, Amsterdam (CPH) 1936.

BKVK-bulletin (1937) 1.

Het Volk 19 juni 1937.

Paul Schuitema, Waar Nederland trotsch op is. Hoe we tegen het water vochten en wat we er mee deden, Leiden (Sijthoff) 1940.

Wereldkroniek 23 maart 1940.

NRC Handelsblad 30 november 1984, Cultureel Supplement, p. 9.

Yara Brusse en Tineke de Ruiter, Eva 75, Amsterdam (in eigen beheer) 1985, ongepag.

Secundaire bibliografie

Auteur onbekend, Arbeidersfotografen in Kiserdö, De Tribune 15 januari 1934, p. 4.

Bert Hogenkamp, Land in zicht of de aanzet tot een populaire filmcultuur, in Skrien (1977) 64, p. 30-31.

Flip Bool en Kees Broos (red.), Fotografie in Nederland 1920-1940, Den Haag (Staatsuitgeverij) 1979, p. 45, 48-49, 54-55, 60, 62, 64-65, 75-76, 81, 89, 94, 125, 134-135, 140, 142, 149 (met foto’s).

Peter Cowie, Dutch cinema. An Illustrated History, Londen (The Tantivy Press) 1979, p. 56-58, 141.

J.A. Frenkel, John Fernhout eindelijk in eigen land geëerd, in Haagsche Courant 6 juni 1981.

Evert van Tijn, NOS brengt serie over filmer John Fernhout, in Leidsch Dagblad 10 juni 1981.

Nico J. Brederoo e.a., Charley Toorop. Leven en werken, Amsterdam (Meulenhoff/Landshoff) 1982, p. 10-11, 27, 29, 31, 34-41, 45, 48-49, 60, 70, 72-73, 79- 83, 93-96, 104, 106-107, 111-112, 115-116, 120-122, 140, 142, 145, 156, 161-162, 165, 167, 173-176, 179, 189-190, 203- 204, 208.

Joris Ivens en Robert Destanque, Aan welke kant en in welk heelal. De geschiedenis van een leven, Amsterdam (Meulenhoff) 1982, p. 52, 147, 151, 155-158, 177-178, 181, 183-184, 186-189, 193-194, 198, 201, 281, 357.

Torn Rooduijn, Een definitief verleden. John Fernhouts films over Cas Oorthuys en drie generaties Toorop, in NRC Handelsblad 9 november 1984.

Nico J. Brederoo, Een familie van kunstenaars; Charley Toorop en Edgar Fernhout. [proefschrift ter verkrijging van de graad van Doctor in de Letteren aan de Rijksuniversiteit Leiden], z.p. 1985, [Charley Toorop:] p. 10-11, 27, 29, 31, 34-41, 45, 48-49, 60, 70, 72-73. 79-83, 93-96, 104, 106-107, 111-112, 115-116, 120-122, 140, 142, 145, 156, 161-162, 165, 167, 173-176, 179, 189-190, 203-204, 208; [Edgar Fernhout:] p. 1,4-6,8, 11,44-45,47,57,80-82, 85-87.

Pieter Ploeg, In de bronsttijd buiten slapen. Vader en zoon Fernhout verfilmen vijftigjaar Hoge Veluwe, in Leidsch Dagblad 4 maart 1985.

Karel Dibbets en Frank van der Maden (red.), Geschiedenis van de Nederlandse film en bioscoop tot 1940, Houten (Het Wereldvenster) 1986, p. 166, 168-170, 172, 204-205, 207-210, 218.

Esther Talboom, [interview met John en Douwes Fernhout], in Deventer Dagblad 2 oktober 1986 (bijlage Plus Uit).

Hans Beerekamp, John Fernhout 1913-1987. Een onberispelijk vakman, in NRC Handelsblad 2 maart 1987.

Bert Hogenkamp, De Nederlandse documentaire film 1920-1940, Utrecht/Amsterdam (Audiovisueel Archief van de Stichting Film en Wetenschap/Van Gennep) 1988, p. 49, 53, 60,63-64,91.

Flip Bool en Kees Broos (red.), De Nieuwe Fotografie in Nederland, Amsterdam/Den Haag; (Fragment/SDU) 1989, p. 11, 16, 26, 38 68, 80, 118-119, 138 (met foto’s).

Ingeborg Leijerzapf e.a. (tekst), Het beslissende beeld. Hoogtepunten uit de Nederlandse fotografie van de 20e eeuw, Amsterdam (BIS) 1991, p. 1, 190-191.

Carel Blotkamp, De werkplaats. Eva Besnyö fotografeert Charley Toorop, in Kunstschrift 38 (1994) 3, p. 48-49.

Flip Bool, John Fernhout in Spanje, in GKf-Bulletin (1994) 2, p. 10-13.

Alette Fleischer e.a., De maaltijd der vrienden. Kunstenaars in Bergen 1930-1935, Amsterdam/Bergen (Alexander Valeton) 1994, p. 6-7, 10-11, 17-18, 22-24, 26-28, 30-31, 33-34, 37, 40, 50-59, 61-62, 66-67, 113-114, 133-134, 138-139 (met foto’s).

Bert Hogenkamp, John Fernhout filmt de bevrijding van Nederland in dienst van de RVD. Een artiest tussen de ambtenaren, in GBG-Nieuws (1994) 28, p. 4-18.

Hans Schoots, Gevaarlijk leven. Een biografie van Joris Ivens, Amsterdam (Jan Mets) 1995, p. 75-76, 92, 96, 98, 127, 161, 163-173, 188, 192-204, 215- 216, 275-277, 320, 379.

André Stufkens (red), Passages. Joris Ivens en de kunst van deze eeuw, Nijmegen (Museum Het Valkhof/Europese Stichting Joris Ivens) 1999, p. 66, 70-71, 135-136, 142-150, 159-160, 170-171, 174-176, 178-179, 195-196, 217, 252 (met foto’s).

Willem Diepraam (tekst) , Eva Besnyö, Amsterdam (Focus Publishing) 1999, p. 71, 84-85, 90-93, 96-97, 104-105, 121, 135, 139, 172, 186.

Lidmaatschappen

VAT, 1932-1933.

BKVK, vanaf 1936.

Tentoonstellingen

1933 (g) Brussel, Palais des Beaux-Arts, Deuxieme Exposition Internationale de la Photographie et du Cinema.

1937 (g) Amsterdam, Stedelijk Museum, foto ’37.

1979/1980 (g) Den Haag, Haags Gemeentemuseum, Foto 20-40.

1989 (g) Amsterdam, Nieuwe Kerk, De Nieuwe Fotografie in Nederland (Foto ’89).

1991 (g) Amsterdam, Nieuwe Kerk, Het beslissende beeld. Hoogtepunten uit de Nederlandse fotografie van de 20e eeuw.

1999/2000 (g) Nijmegen, Museum Het Valkhof, Passages. Joris Ivens en de kunst van deze eeuw.

Films

1929 Branding (regie: Mannus Franken en Joris Ivens; assistent: John Fernhout).

1929 Regen (regie: Joris Ivens en Mannus Franken; assistent: John Fernhout).

1929 Heien [onderdeel van Wij Bouwen] (regie: Joris Ivens; camera: John Fernhout).

1930 Wij Bouwen (regie: Joris Ivens; camera: John Fernhout e.a.).

1930 Zuiderzeewerken [onderdeel van Wij Bouwen; laatste versie wordt bewerkt tot de film Nieuwe Gronden] (regie: Joris Ivens; camera: John Fernhout, Joris Ivens e.a.).

1931 Philips Radio (regie: Joris Ivens; camera: Joris Ivens, John Fernhout, Mark Kolthoff).

1931 Creosoot (regie: Joris Ivens; camera: Joris Ivens, John Fernhout e.a.).

1933 Puberteit (regie: Hans Sluizer; camera: John Fernhout).

1933 Hallo Everybody (regie: Hans Richter; regie-assistent: John Fernhout).

1934 Nieuwe Gronden (regie: Joris Ivens; camera: Joris Ivens, John Fernhout e.a.).

1934 Het Meisje met de Blauwe Hoed (regie: Rudolph Meinert; camera: John Ferno = John Fernhout e.a.).

1934 De steven naar het zuiden/Cap au Sud (regie en camera: John Ferno).

1934 Driemaster ‘Mercator’/Le Trois-Mats (regie en camera:John Ferno).

1935 Paascheiland/L’Ile de Paques (regie en camera: John Ferno).

1935 Tapijten en Kunstmeubelindustrie /L’Industrie de la tapisserie et du meuble sculpté (regie en camera: John Ferno)

1936 De Beiaarden/Les Carillons (regie en camera: John Ferno).

ca. 1936 Katoen (regie en camera: John Ferno).

1936 Zonnig leven aan het Strand/Les jeux de 1’été et de la mer (regie: Henry Storck; camera: John Ferno).

1936 Langs Zomerwegen/Sur les routes de 1’été (regie: Henry Storck; camera: John Ferno).

1937 Beelden uit het Belgisch Verleden /Regards sur la Belgique ancienne (regie: Henry Storck; camera: John Ferno).

1937 Huizen van ellende/Les Maisons de la Misère (regie: Henry Storck; camera: John Ferno e.a.)

1937 Land in zicht (regie: Pieter Bruggens = John Fernhout; camera: E. Drayer = Emiel van Moerkerken).

1937 The Spanish Earth/Spaanse aarde (regie: Joris Ivens; camera: Joris Ivens, John Ferno).

1939 The 400 million (regie: Joris Ivens; camera: John Ferno,Joris Ivens).

1940 And so they live (regie: John Ferno en Julian Roffman; camera: John Ferno).

1942 A Child went Forth (camera: Joseph Losey, John Ferno).

1941 High over the Borders/Vogels weten niet van grenzen (regie: Irving Jacoby en John Ferno; camera: John Ferno).

1942-1944 Voor het Netherlands Information Bureau in New York maakt Fernhout o.a.:

High Stakes in the East.

The Dutch next door.

Peoples of Java.

Dutch Tradition.

Prinses Juliana in Suriname en Curacao.

Buiten de grenzen.

1945 Uit het gefilmde materiaal voor de Regeerings Voorlichtingsdienst van de bevrijding van Nederland werden o.a. samengesteld:

De Koningin weer thuis.

Broken Dykes.

The Last Shot/Het laatste schot.

1946 Puerto Rico (regie: John Ferno; camera: Benjamin Doniger).

1947-1949 People of the Earth [overkoepelende titel van zeven geografische films] (regie: John Fernhout; camera: Richard Leacock).

1948-1954 Voor de Economie Cooperation Administration (Marshall hulpplan) produceert en regisseert Fernhout films over het herstel van Europa, waaronder:

1949 Island of Faith/L’Ile Fervente/Eiland van vertrouwen (regie: John Ferno).

1950 Corinth Canal/Le Canal de Corinthe (regie: Johan Ferno).

1950 Return from the Valley (productie: John Ferno, regie: Nelo Risi).

1950 A Doctor for Ardaknos (productie: John Ferno, regie: Nelo Risi).

1954 Miner’s Window (productie: John Ferno; regie: John Ferno, geassisteerd door Nelo Risi en Budge Cooper).

1958 ABC. (regie: John Ferno).

1958 Blue Peter (regie en scenario: John Ferno).

1958 The Golden Hoop/The low lands/De lage landen [animatie] (productie: John Ferno).

1961 Dam de Delta/Dam the Delta [animatie] (productie: John Ferno).

1962 Parlons Francais [zestig kleurenfilms van 15 min.] (regie: John Fernhout; regie-assistant: Douwes Fernhout).

1964 Vigilant Switzerland (regie: John Ferno; regie-assistent: Douwes Fernhout).

1965 Fortress of Peace/Een bolwerk van vrede (regie:John Ferno).

1967 Sky over Holland/Ciels de Hollande (productie en regie: John Fernhout; ass. productie: Douwes Fernhout, camera: Douwes Fernhout e.a.).

1968 Delta Data (productie en regie: John Ferno; camera: Douwes Fernhout).

1971 The Tree of Life (productie en regie: John Ferno; camera: Douwes Fernhout).

1973 They want to Live/Zij willen leven (productie en camera: Douwes Fernhout; regie: John Ferno).

1974 The longest wave (productie: John en Douwes Fernhout; regie: John Ferno; camera: Douwes Ferno).

1980 Museum on the Hill (productie: John Ferno; camera: Douwes Ferno).

1980 Jerusalem, the Golden City (productie: John Ferno).

1983 De drie generaties (regie: John Ferno; camera: Douwes Ferno).

1984 Mijn generatie is zwart-wit (productie: John Ferno; camera: Douwes Ferno).

1985 Het bewaarde landschap (regie: John Ferno; camera: Douwes Ferno).

Televisieprogramma’s

1981 (10 juni) Fernhout de filmer. Serie van vier programma’s onder eindredactie van Dick van Reeuwijk. Deel 1. Paascheiland en The Spanish Earth (NOS).

1981 (17 juni) Fernhout de filmer. Deel 2. The 40 million en Broken dykes (NOS).

1981 (18 juni) Fernhout de filmer. Deel 3. Miner’s window en Fortress of Peace (NOS).

1981 (25 juni) Fernhout de filmer. Deel 4. They want to Live en Sky over Holland (NOS).

Bronnen

Leiden, Prentenkabinet, bibliotheek- en documentatiebestand (o.a. ongepubliceerde doctoraalscriptie kunstgeschiedenis: H.E.C. Pott Hofstede, Overzicht van het werk van de documentaire filmer John (Ferno) Fernhout, Rijksuniversiteit Leiden 1981).

Rotterdam, Nederlands Fotoarchief (nu Nederlands Fotomuseum).

Collecties

Amsterdam, Nederlands Filmmuseum.

Amsterdam, Stichting Dunhill Dutch Photography.

Den Haag, Haags Gemeentemuseum.

Haarlem, Stichting Nederlands Foto- & Grafisch Centrum (Spaarnestad Fotoarchief).

Leiden, Prentenkabinet Universiteit Leiden.

Rotterdam, Stichting Nederlands Fotoarchief.

Auteursrechten

De auteursrechten op het fotografisch oeuvre van John Fernhout worden beheerd door het Nederlands Fotomuseum te Rotterdam.